Prachtig verpakte Marvel’s Wolverine is slachtpartij met handrem erop

Een Wolverine-game die na 2-3 uur doet geeuwen: dat moet je maar kunnen. De ontwikkelaar Insomniac Games slaagt erin in tegenstelling tot wat hun naam beloofde. Marvel’s Wolverine (2026) is bloedmooi, ruw en gruwelijk gewelddadig, en toch tandeloos op de plekken waar het ertoe doet. Er vliegen armen, kaken en ruggengraten door het beeld alsof de slager zijn stock kwijt moet, maar na een tijdje weet je precies wat de game je nog te bieden heeft. Dat is amper veel. De studio die ons drie keer boven Manhattan liet zwieren met de Spider-Man games, levert hier een nette, vlotte, professioneel gestileerde actiegame af. Netjes en vooral veilig. Voor een personage dat zich nooit heeft laten temmen, is dat een spijtige keuze.

© Insomniac Games

Korte inhoud Logan pikt de draad weer op bij Team X, een gezelschap mutanten onder leiding van de innemende Nathaniel Essex, met Mystique en Sabretooth als collega’s die je liever niet de rug toekeert. De X-Men bestaan nog niet; Logans gezin telt dus schurken en antihelden. Als mutanten beginnen te verdwijnen, wijst alles naar Bolivar Trask, een steenrijke fanaticus die zijn Sentinels en een cyborgmilitie op hun soort loslaat. Wolverine reist van de sneeuwbossen in Canada naar het criminele eiland Madripoor en de neonstraten van Tokio, meestal met Jean Grey aan zijn zij, terwijl zijn lekkende geheugen hem telkens een flard verleden voor de voeten gooit. En Essex? Die blijkt minder onbaatzuchtig dan hij lijkt. Verrassing.

Wat meteen opvalt: Insomniac liet zijn sterkste troef thuis. Marvel’s Spider-Man (2018) en Spider-Man 2 (2023) draaiden om vrijheid en flow; je zwierde, ontdekte en speelde met de stad. Wolverine stuurt je door gangen, liften en arena’s, en de regie kent daarbij nauwelijks variatie. Je stapt een corridor uit, komt in een grote vlakke ruimte terecht met wat verhoogde randjes voor de schutters, en je weet al dat de klappen gaan vallen. Tussen twee slagvelden kuier je door stille zalen om fotokaders en audiologs te bekijken. Ofwel kruip je op een brommer de wegen onveilig te maken, ook al kan je domweg tegen alles botsen zonder ooit maar te vallen. Meer nog, je kan rijden met de ogen dicht. Het spel kent twee snelheden: razernij en contemplatie. Alles wat daartussen zit, ontbreekt, en dat maakt de cadans hoekig; het schokt aan en stopt weer, in plaats van te stromen.

Eerlijk is eerlijk: de eerste uren zitten goed. Je knalt met een sprong naar een vijand aan de overkant van de arena, hamert op vierkant en driehoek en ziet een rij soldaten uit elkaar vallen. De rage-meter loopt vol en zodra hij zijn top bereikt, trekt het beeld grijs en blijft er één taak over: beide triggers indrukken en toekijken. Het werkt, en het past bij het personage, want Wolverine geniet niet van zijn geweld; hij ruimt op. De animatie verdient een compliment. De klauwen lijken echt in een lichaam te bijten, en het knopje waarmee je ze laat uitschuiven of terugtrekt is zo’n detail waar fans van gaan smullen. Even lijkt het alsof Insomniac een nieuw soort brutaal ballet aan het uitvinden is.

Dan komt het moment waarop de glans eraf gaat. De basiscombo’s lossen bijna elk gevecht op. De parry is zo ruimhartig dat je in een drukke arena zowat blind op L1 kan rammen en toch heel blijft. De speciale aanvallen hangen elk aan een cooldown, dus je werkt ze af zoals in een MMO: even wachten, indrukken, weer wachten. Upgrades maken Logan sterker, maar zelden interessanter. Neem de healing factor, de eigenschap die Wolverine uniek maakt: die werkt hier als gewone gezondheidsregeneratie. Een figuur die kan sterven en gewoon weer opstaat, schreeuwt om een systeem dat je beloont als je risico neemt, klappen incasseert en terugbijt. Die kans liet Insomniac liggen. De vijanden zijn intussen dezelfde soldaten met andere helmen, en de zware jongens slikken gewoon meer slagen; naarmate het spel vordert, voelen ze eerder als sponzen dan als bedreiging. Omega Red is een prima eerste kennismaking met de bazen, waarna je met dezelfde patronen naar de volgende levensbalk sleept. Het Sentinel-duel draait grotendeels om een metalen arm afranselen tot hij het opgeeft, en dat voelt als een relikwie uit de tijd waarin bazen vooral groot moesten zijn.

De finishers vergaan het al niet beter. In het begin kijk je met open mond naar kaken, borstkassen en ruggengraten die knappen. Na drie, vier uur heb je het volledige menu gezien en kijk je naar herhalingen en wil je skippen. Geweld dat zichzelf blijft citeren, verliest zijn schokwaarde, en dat is een dodelijke vaststelling voor een game die op schokwaarde leunt. Plezant is anders. Ook technisch is de Insomniac-glans niet vlekkeloos: de lock-on raakt de weg kwijt zodra vier vijanden je omsingelen, de camera zwabbert als een dronken cameraman achter je aan, figuren clippen door het decor en sommige sprongen voelen onnauwkeurig. Van deze studio verwacht je dat gewoon niet.

Aan de beeldkant valt weinig aan te merken, en dat is meteen het beste nieuws. Op PS5 Pro is Wolverine visueel verbluffend: je ziet poriën, zweet, vuil dat zich vastzet, bloed dat in het textiel trekt en decors die in brokstukken uit elkaar vallen als Logan erdoorheen dendert. De cameravoering in de cutscenes is zelfverzekerder dan die tijdens de gevechten. Wanneer zijn lichaam tot een skelet gereduceerd is en zich dan opnieuw opbouwt, lijkt hij eerder een personage uit The Terminator (1984) dan een mutant, en het werkt. De achtervolging over de daken en door de neonstraten van Tokio is de spectaculairste passage van het spel, al doe je er weinig meer dan een trigger ingedrukt houden terwijl het vuurwerk ontploft. Het contrast met de bruine grotten en grijze gangen die je daarvoor doorkruist, is bijna grappig. Ook de klank is uitstekend: metaal knalt, klappen dreunen en de muziek blijft netjes op de achtergrond.

Het klinkt om raar om over acteerwerk te bespreken in games maar het acteerwerk houdt de boel hier toch overeind. Liam McIntyre, de man die ooit Spartacus: Vengeance (2012) overnam, speelt Logan moe, gekwetst en gevaarlijk zonder in parodie te vervallen; waar anderen gaan brullen, fluistert hij, en dan pas voel je de dreiging. Troy Baker geeft Essex een gladde, bijna vaderlijke warmte waardoor je vanaf zijn eerste zin op je hoede blijft, terwijl Krizia Bajos als Jean Grey een vermoeide tederheid meebrengt die de scènes bij het haardvuur in de sneeuwhut laat aankomen. De stille momenten, zoals het gesprek met Mystique in een bar in Madripoor, tonen wat deze game had kunnen zijn als iemand het gaspedaal wat vaker had losgelaten.

Het scenario is het probleem, of liever: de schroom waarmee het geschreven is. Walt Williams, die eerder het verhaal van Spec Ops: The Line (2012) schreef, wilde volgens eigen zeggen personages met littekens en spijt, allemaal gespeeld door veertigers. Dat merk je aan de toon, en dat is winst. Maar wat het spel daarna met die ambitie doet, overtuigt minder. Sabretooth en Mystique, aanvankelijk belangrijk, verdwijnen voor lange tijd uit beeld. De schurken hebben filterdunne motieven. De romance tussen Logan en Jean gaat zo snel dat je amper tijd hebt om ervoor te vallen, en het einde trekt vooral wissels op een vervolg. Erger is dat het script zijn hoofdpersoon aan de lijn houdt. Tijdens de gevechten is Logan een slachthuis; in de tussenscènes een treurige boy scout aan wie iedereen mag vertellen waar hij moet staan. Die kloof sluit het spel nooit. Meermaals biedt Jean aan hem gewoon naar boven te vliegen, en telkens kiest hij de lange weg, zodat het spel zijn gangen kan blijven vullen. Dat is geen karakter, dat is een alibi voor gangen.

Wolverine is geen slechte game, en dat maakt het net zo frustrerend. Wie zijn brein uitzet en zich wil laten meeslepen door bloed, prachtige beelden en een sterke McIntyre, zal zich amuseren. Ik verwachtte meer. Van het personage, want Logan hoort ruwer, eigenzinniger en onvoorspelbaarder te zijn dan hij hier is. En van de studio, want Insomniac weet wel beter. Ze slijpen de klauwen tot ze blinken, maar vergaten dat een beest ook moet durven bijten.

2 Comments

  1. Stef

    Ik had er al filmpjes van gezien op TikTok en zag er inderdaad wat lullig uit qua gameplay

    Reply ↓
  2. Mitch

    Ik ga wachten tot de prijs wat naar beneden komt.

    Reply ↓

Leave a Comment

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

We weten dat advertenties soms vervelend zijn, maar ze houden DeFilmblog draaiende en laten ons elke dag nieuwe filmcontent maken.

Dus, even vriendelijk vragen: wil je je adblocker uitschakelen voor onze site? Dit zal alleen je advertentie-ervaring op DeFilmblog beïnvloeden.