Tomorrow Never Dies (1997) ** recensie

Tomorrow Never Dies (1997) is wat het is; Geen pretentie, geen existentiële crisis, geen poging om het wiel opnieuw uit te vinden. Regisseur Roger Spottiswoode levert een strakke, vlotte Bond af die met verve alle hokjes van de franchise afvinkt – en dat is zowel zijn grootste kracht als zijn meest nijpende beperking. Als je durft toegeven dat je soms gewoon wil zien hoe een man in een maatpak door een parkeergarage rijdt vanuit de achterbank via afstandsbediening, dan ben je bij het juiste adres

Artwork by Davian
Based on imagery from the movie / courtesy of the copyright holder

Korte inhoud: Mediamagnaat Elliot Carver (Jonathan Pryce) wil zijn wereldwijd nieuwsimperium uitbreiden met een uitzendlicentie in China, maar de Chinezen zijn koppig. Zijn oplossing? Een oorlog opstoken tussen het Verenigd Koninkrijk en China, zodat hij morgen het nieuws van overmorgen kan brengen. MI6 stuurt James Bond (Pierce Brosnan) op de zaak af, die al snel samenwerkt met de Chinese geheime agente Wai Lin (Michelle Yeoh). Geboeid door de aanwezigheid van Carvers vrouw Paris (Teri Hatcher) – zijn vroegere minnares, gespeeld – poogt Bond het conflict te ontmijnen voor de bom al letterlijk en figuurlijk afgaat.

Brosnan was in GoldenEye (1995) nog een man die iets te bewijzen had. Hier niet meer. Hij draagt Bond als een goed gesneden colbert: moeiteloos, met de juiste hoeveelheid zelfspot en zonder een zweem van twijfel. De scherpe blikken, de droge one-liners, de onwaarschijnlijke onkwetsbaarheid – het klopt allemaal. Zijn samenspel met Yeoh is ook een van de onverwachte troeven van de film. Niet uit romantische spanning, maar uit wederzijds respect tussen twee evenwaardige spelers. Het duurt lang voor de film die gelijkwaardigheid echt toont, maar als het dan eindelijk zover is – in een rauwe vechtscène waarbij Bond achter de feiten aanloopt terwijl Wai Lin al tien man heeft uitgeschakeld – is dat een van de lekkerste momenten in de gehele franchise.

Yeoh is ronduit de beste reden om deze film te herbekijken. Haar Wai Lin is geen decorstuk, geen bijrol die aan Bond wordt opgehangen als een accessoire. Ze is bekwamer, sluwer en fysiek geloofwaardiger in actie dan haar mannelijke tegenspeler – en de film heeft de eerlijkheid om dat ook zo te tonen. Dat het Hollywood daarna twee decennia nodig zou hebben om haar in een rol van vergelijkbaar kaliber te casten – laat staan haar de Oscar te geven voor Everything Everywhere All at Once (2022) – zegt meer over de industrie dan over haar talent. Haar Wai Lin is één van de best geconstrueerde Bond-figuren in de volledige reeks, en tegelijk een van de meest ondergewaardeerde.

Dan is er het struikelblok van de film: Jonathan Pryce als Elliot Carver. Het idee achter de schurk is verrassend trefzeker – een mediamagnaat die het nieuws fabriceert voor hij het laat gebeuren, een soort Rupert Murdoch op speed. In 1997 voelde dat speculatief aan; nu klinkt het bijna documentair. Maar Pryce slaagt er nooit helemaal in om Carver werkelijk dreigend te maken. Hij is te theatraal, te karikaturaal, en zijn pogingen om Wai Lins vechtscènes na te doen in een vlaag van egomanie zijn ronduit gênant. Niet toevallig werd Anthony Hopkins oorspronkelijk voor de rol gecast – hij stapte na drie dagen op omdat het scenario ter plaatse werd herschreven. Dat herschrijfproces is voelbaar in het eindproduct: Carver mist de psychologische diepte die de beste Bond-schurken onderscheidt van een goede acteur die een slechte rol wegwerkt.

Hatcher als Paris Carver is een gemiste kans. De personage had iets kunnen zijn – een ex-geliefde van Bond met bagage, getrouwd met de man die hij moet stoppen – maar het script geeft haar nauwelijks ruimte. Ze verschijnt, ze kijkt pijnlijk in de verte, ze verdwijnt weer. Dat Hatcher drie maanden zwanger was tijdens de opnames en een geplande scène met Brosnan daardoor werd geschrapt, heeft allicht bijgedragen aan die abruptheid. Toch blijft het probleem grotendeels een kwestie van het script: er is simpelweg geen echte relatie uitgebouwd tussen Bond en Paris, waardoor haar lot geen emotioneel gewicht draagt.

Spottiswoode is als vakman sterk genoeg om de klassieke actiescènes vlot te laten verlopen, maar hij struikelt over de vechtchoreografie. Het is duidelijk dat hij geen John Wick regisseur zou worden.  De martial-art-scènes met Yeoh zijn te chaotisch gemonteerd, te druk bewerkt, en verliezen daardoor net de precisie die haar zo bijzonder maakt. Filmfotograaf Robert Elswit – later bekend van There Will Be Blood (2007) – geeft de film een glanzend, professioneel voorkomen, maar ook hij kan niet verhelpen dat sommige sequenties gewoon functioneel zijn in plaats van memorabel. De productie draaide op locaties in Frankrijk, Thailand en het Verenigd Koninkrijk, en de mondiale allure zit er degelijk in.

Wat de film wél mee heeft, is humor. Niet de zware, geforceerde variëteit, maar een lichte zelfsport die Brosnan met zichtbaar plezier uitspeelt. De scène waarbij Bonds BMW – volgeladen met gadgets, stuurbaar via een mobiele telefoon lang voor dat normaal was – door een parkeergarage jongleert terwijl huurmoordenaars hem te lijf gaan met hamers: dat is Bond op zijn best. Groot, absurd, maar intern volkomen coherent. Componist David Arnold draagt daarbij fors bij: zijn partituur ademt de juiste sfeer en bouwt de spanning op in dienst van het verhaal, in tegenstelling tot het titelthema van Sheryl Crow, dat al na de openingstitels uit het geheugen verdwijnt. Dat haar slotlied “Surrender” naar de staart werd verwezen, is nog altijd één van de raadselachtigste beslissingen uit de Bond-geschiedenis.

De originele titel was Tomorrow Never Lies – logischer, gezien Carvers mantra van nieuws fabriceren – maar een typefout in een vroeg scriptexemplaar bleef ongewijzigd, en de producers omhelsden de vergissing. Zo groeide een tikfout uit tot een filmtitel. De film speelde ook gelijktijdig met Titanic (1997), waardoor het de enige Brosnan-Bond werd die bij de openingsweekend niet op nummer één stond. Titanic wint; zelfs 007 verliest van een ijsberg.

Tomorrow Never Dies is geen meesterwerk, en het wil dat ook niet zijn. Het is een geolied entertainmentproduct dat zijn beloftes nakomt: actie, tempo, charme en Michelle Yeoh. Het echte gemis is wat de film had kunnen zijn: met een sterkere schurk, een beter uitgewerkt scenario en de moed om Wai Lin meer ruimte te geven, had dit de beste Brosnan-Bond kunnen worden in plaats van één van de meest teleurstellende Bondfilms. De film kwam uit op 4k UHD op .


Review Tomorrow Never Dies (1997)
Recensie door op

Beoordeling: 2 / 5

rating

6 Comments

  1. Jacob

    Brosnan ging olledig Roger Moore in deze

    Reply
  2. matthys

    Michelle Yeoh was een mooie aanwinst, voor de rest kan ik me er nog weinig over herinneren

    Reply
  3. Duane

    Jonathan Pyrce is een goed acteur maar deze rol had niets om het lijf

    Reply
  4. Lucas

    Ik moet deze nog eens terug zien, dacht dat de actie-sequenties nog wel ok waren

    Reply
  5. Chips & Cola

    “There’s no news like bad news.”

    Reply
  6. Notorious

    Ik vond deze beter dan alle andere Brosnan films, GoldenEye is nauwelijks het bekijken waard met die vreselijke elektronische muziek

    Reply

Leave a Comment

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

We weten dat advertenties soms vervelend zijn, maar ze houden DeFilmblog draaiende en laten ons elke dag nieuwe filmcontent maken.

Dus, even vriendelijk vragen: wil je je adblocker uitschakelen voor onze site? Dit zal alleen je advertentie-ervaring op DeFilmblog beïnvloeden.