Soms is het lot van een film al bezegeld in de openingsscène, en bij The Last House (2026) is dat exact wat gebeurt. Je ziet Jason (Wagner Moura) een te klein visje teruggooien in zee, een duur uitziend shot dat in hoofdletters roept: kijk eens hoe goed deze man is. Twintig minuten later zit diezelfde man vast in zijn eigen huis, en twee uur later zit jij als kijker vast in een film van 1u en 52 minuten die precies weet wat ze wil zeggen, maar nooit de moed heeft om het ook echt te doen.
Korte inhoud Jason (Wagner Moura) en zijn vrouw Ann (Greta Lee) wonen met hun twee kinderen in een verzakkend huis in de buurt van Seattle wanneer op een ochtend deuren en ramen zich plots weigeren te openen. Een mysterieuze, bijna levende regen sluit hun woning hermetisch af, net als die van alle buren. Terwijl de voorraden slinken en er iets ongrijpbaars buiten rondsluipt, springt de film uiteindelijk vijf jaar vooruit, waarna het gezin steeds wanhopiger op zoek gaat naar een uitweg en naar een verklaring die, wanneer ze uiteindelijk komt, allesbehalve overtuigt.
Louis Leterrier is vermoedelijk een man die zichzelf goed weet te verkopen. Qua acteurs-regisseur is hij waardeloos, maar hij blijft films maken (Transporter 2, The Incredible Hulk, Clash of the Titans, The Brothers Grimsby, Fast X). Zijn film zullen wel een publiek vinden en hij zal ook wel films maken binnen een beperkt budget, maat wat heb je eraan. Zelfs met een uitstekende cast als deze bakt hij er niks van. Deze film zou misschien wel zijn meest verwerpelijke uit zijn collectie zijn. Wanneer de film moet kiezen tussen benauwende huiskamerdrama en pandemie-metafoor, en gewoon geen van beide echt aandurft, zit je als kijker te letten op slecht acteerwerk of van de pot gerukte plotwendingen. Er wordt gedanst op een gekraste platenspeler, er wordt een kerstboom geknutseld uit rommel, en ondertussen tikt de dreiging gestaag verder zonder dat je ooit echt voelt hoe die druk zich opstapelt in de personages zelf. Maar laten we duidelijk zijn, het is niet allemaal de schuld van de regisseur. Het script van Matthew Robinson, ontstaan tijdens de coronajaren naar eigen zeggen, blijft steken in de intentie. Isolement, aftakeling, huiselijke spanning: het staat er allemaal, netjes opgesomd, maar zelden gevoeld.
Wat opvalt is hoe weinig The Last House vertrouwt op zijn eigen sterkste troef, namelijk het huis zelf als decor van verval. De productiedesign verdient een pluim; die woning verandert geleidelijk in een geïmproviseerd ecosysteem vol maïsstengels en zelfgebouwde kassen, en dat oogt overtuigend verontrustend. Maar net wanneer je denkt dat de film die claustrofobie eindelijk gaat uitbuiten, springt hij vijf jaar door de tijd, ruilt hij zijn jonge acteurs in voor oudere versies, en verliest hij alle opgebouwde nabijheid met het gezin. Het is een narratieve keuze die vooral verraadt dat niemand echt vertrouwen had in het middenstuk.
Moura en Lee doen wat ze kunnen, en dat is niet weinig; beiden hebben in andere films bewezen dat ze met minder meer kunnen zeggen. Hier krijgen ze dialogen die soms zo houterig zijn dat je bijna medelijden voelt, afgewisseld met momenten waarin ze plots wel overtuigen, vooral zodra de film even zijn adem inhoudt in plaats van te schreeuwen. Dat wisselvallige niveau zegt evenveel over de regie als over de schrijver: als twee gerenommeerde acteurs binnen dezelfde scène van geloofwaardig naar potsierlijk zwenken, ligt dat zelden aan hen alleen. En dan zijn er nog die onnozele scenes, zoals deze waarop ze op een bepaald moment een dier willen vangen door de schouw. Los van het feit dat de logica en geloofwaardigheid van die scene compleet zoek is, vraag ik me af wie zoiets durft op papier te zetten. En wie leest er feitelijk scripts bij Netflix of wordt zoiets toevertrouwd aan AI?
Het derde bedrijf is waar de film compleet ontspoort. Wat begon als een intrigerende premisse over huiselijke gevangenschap, mondt uit in zeewezens, een halfslachtige knipoog naar milieuvervuiling en een ontknoping die eerder aanvoelt als een noodgreep dan als een doordacht statement. De symboliek wordt zo expliciet uitgesproken, inclusief een storende voice-over, dat elke nuance die ervoor was opgebouwd, verdampt. Je krijgt het gevoel dat niemand op de set nog goed wist waar dit eigenlijk over ging, en dat is jammer, want de vraag zelf, wat doet langdurige opsluiting met een gezin, was een prima vertrekpunt.
Vergelijkingen met A Quiet Place (2018) dringen zich op, en niet in het voordeel van The Last House. Waar die film begreep dat het monster er vooral was om de familie scherper te tekenen, draait het hier grotendeels om het omgekeerde: het concept is interessanter dan de mensen die het moeten dragen. Leterrier is duidelijk het meest op zijn gemak zodra er iets ontploft of instort, en die scènes hebben tenminste tempo en spektakel. Maar spektakel zonder emotioneel fundament is uiteindelijk gewoon lawaai, hoe knap het er ook uitziet. Netflix zal deze titel ongetwijfeld een paar dagen bovenaan de kijklijst zien staan, want de premisse verkoopt zichzelf in één zin en de sterrencast doet de rest. Maar wie na het eindgeneriek nog probeert te verklaren waaróm dit verhaal precies over hen ging, komt bedrogen uit. The Last House sluit je efficiënt op in een huis vol dreiging, en laat je vervolgens gewoon weer buiten staan, zonder dat je iets hebt bijgeleerd over wie erin woonde. Op 7 augustus 2026 kwam de film op Netflix.
Review The Last House (2026)
Recensie door Natalie op 16 augustus 2026

Covid shit, net zo waardeloos als ChatGPT shit
Dit was precies alsof ze drie films in de blender hadden gesmeten, zonder dat er iets werd uitgelegd. Ik geef de film wel krediet omdat hij tot ongeveer twee derde onvoorspelbaar bleef. Maar toen begon ik te beseffen dat er eigenlijk geen degelijk verhaal of verklaring voor wat er allemaal gebeurde was.
De film werkte het best wanneer ze in overlevingsmodus zaten en de monsters alleen door de dochter werden gesuggereerd.
De mensen die deze film gemaakt hebben, hebben in hun hele leven nog nooit een geweer, aansteker of penicilline gebruikt.