Er zijn films die mislukken omdat niemand er zijn hart in stak, en er zijn films die mislukken omdat er te veel harten tegelijk aan het kloppen waren, allemaal in een ander ritme. The Bride! (2026) behoort overduidelijk tot die tweede categorie. Maggie Gyllenhaal wilde met dit Frankenstein-verhaal blijkbaar alles zeggen wat er ooit over vrouwen, monsters en Hollywood te zeggen viel, en ergens tussen de derde toonwisseling en de vijfde subplot verlies je haar, ondanks jezelf, een beetje uit het oog.
Korte inhoud In het Chicago van de jaren dertig sterft levenslustige feestbeest Ida, bezeten door de rusteloze geest van Mary Shelley zelf, na een val van een trap. Niet veel later graaft het monster Frank (Christian Bale), hier gespeeld met ontroerende bedeesdheid, haar lichaam op met hulp van de excentrieke Dr. Cornelia Euphronius (Annette Bening), op zoek naar een levensgezellin. Ida (Jessie Buckley) wordt herboren als de Bride, een vrouw zonder herinneringen maar met een steeds luidere innerlijke stem, en samen met Frank trekt ze een spoor van chaos, rebellie en lijken door het land, achtervolgd door twee koppige speurders die nooit helemaal grip krijgen op wat ze aan het jagen zijn.
Wat meteen opvalt, is hoe overtuigend Gyllenhaal haar uitgangspunt verkoopt. Shelley als spookachtige verteller die door haar eigen personage heen probeert te spreken vanuit een grauwe, zwart-witte tussenwereld, is een vondst met echt potentieel, en de openingsminuten, waarin die geest recht in de camera kijkt en zichzelf min of meer opdringt aan het verhaal, behoren tot het beste wat de film te bieden heeft. Het is jammer dat die vondst na een kwartier al verzuipt in een woud van subplots. Een corrupte gangsterbaas hier, twee speurders daar, een obsessie met een verdwenen filmster ergens tussenin; het voelt alsof elke scenariovergadering een nieuw personage opleverde dat niemand nadien nog durfde schrappen. Tegen het einde tel je moeiteloos een stuk of acht verhaallijnen die stuk voor stuk om aandacht roepen, en geen enkele krijgt de ruimte om ook maar iets bij te dragen.
Jessie Buckley doet wat ze kan met een rol die haar tegelijk drie kanten op trekt: ze moet Ida zijn, de Bride zijn en Mary Shelley zijn, en soms alle drie in dezelfde ademhaling, letterlijk binnen één shot. Het resultaat is een performance die overal en nergens tegelijk is, met accenten die wisselen en emoties die van dronken uitgelatenheid naar woede naar iets dat op verdriet moet lijken springen, zonder ooit ergens echt te landen. Er zit lef in die keuze, dat moet gezegd, en Buckley gooit zich er met volle overtuiging in. Maar een personage dat alles tegelijk voelt, voelt uiteindelijk niets specifieks meer, en dat is precies het probleem: hoe harder ze werkt, hoe minder je haar leert kennen. Christian Bale daarentegen is de stille verrassing van de hele onderneming. Zijn Frank is zacht, nieuwsgierig en verrassend grappig, een man die meer ontroering weet op te wekken in een korte blik naar een bioscoopscherm dan Buckley in twee uur schreeuwen. Elke keer dat hij in beeld verschijnt, zakt de film even terug tot een tempo waarin je iets kan voelen in plaats van enkel registreren, en je merkt dat het scenario hem, in tegenstelling tot zijn tegenspeelster, gewoon met rust laat.
Visueel is er weinig op aan te merken, integendeel. De productie ademt een jaren-dertig-sfeer die zowel weelderig als smerig aanvoelt, met nachtclubs en laboratoria die eruitzien alsof ze rechtstreeks uit een oude gangsterfilm zijn gestolen, compleet met sigarettenrook die precies goed hangt en neonlicht dat precies goed weerkaatst op natte straatstenen. De garderobe van de Bride, inktzwarte vlekken op een gezicht dat nooit helemaal tot rust komt, is op zich al een stukje filmgeschiedenis waard, en wanneer later in de film een heel leger van imitatoren zich in diezelfde stijl hult, ontstaat er een beeld dat je nog dagen bijblijft. De camera weet die schoonheid ook vast te leggen zonder er een postkaart van te maken; sommige shots, vooral in de nachtelijke achtervolgingsscènes, ogen bijna als schilderijen. Alleen jammer dat al dat vakmanschap wordt ingezet om een verhaal te ondersteunen dat zelf nooit goed weet wat het wil zijn.
Precies daar wringt de schoen het hardst. Gyllenhaal wisselt van toon alsof ze een afstandsbediening in de hand heeft: de ene minuut is het een screwballkomedie, de volgende een bloederig wraakdrama, daarna weer een liefdesverhaal dat je moet geloven ondanks alle logica die ertegen pleit. Een gesynchroniseerde dansscène in een nachtclub, waarbij plots iedereen dezelfde pasjes kent alsof ze allemaal dezelfde repetities hebben bijgewoond, is tekenend voor hoe weinig de film zich bekommert om interne consistentie zolang het beeld maar spectaculair oogt. Dat de Bride bovendien meermaals “Me too” schreeuwt als samenvatting van haar feministische statement, is niet gedurfd, het is gewoon lui geschreven; een boodschap die ergens wel klopt, maar die zo ongenuanceerd wordt neergezet dat ze eerder een parodie van zichzelf lijkt dan een oprechte stellingname.
Het tempo lijdt daar zichtbaar onder. Waar een strakkere montage misschien nog iets van een emotionele boog had kunnen redden, blijft The Bride! hangen in een reeks losse sketches die elkaar opvolgen zonder ooit op te bouwen naar iets. Tegen het uur zestig begin je je oprecht af te vragen wie hier de regie voert: de personages, de esthetiek, of gewoon het toeval. Een studio die tachtig tot negentig miljoen dollar in zo’n onvoorspelbaar project pompt, verdient applaus voor lef; dat wil niet zeggen dat het resultaat die investering ook waarmaakt. Het is bovendien opvallend hoeveel het script leunt op verwijzingen, van klassieke gangsterfilms tot punkcultuur tot oude Hollywood-musicals, zonder dat die referenties ooit meer worden dan decoratie. Je herkent ze, je glimlacht misschien even, en dan gaat de film alweer verder naar de volgende gedachte die ze niet uitwerkt.
Toch wil ik de film niet volledig afschrijven, want er zit iets aanstekelijk in de manier waarop Gyllenhaal weigert zich te verontschuldigen voor haar keuzes. Ze durft, en dat is meer dan je van de meeste studioproducties kan zeggen in een tijd waarin bijna alles voorspelbaar en getest aanvoelt. Maar durven is niet hetzelfde als slagen, en op het einde van de rit blijft er vooral een gevoel van gemiste kans hangen: een origineel idee, verpakt in een script dat nooit besliste welk verhaal het eigenlijk wou vertellen, en een hoofdpersonage dat door zoveel richtingen wordt getrokken dat ze uiteindelijk nergens meer echt aankomt. The Bride! is een monster met te veel ledematen en te weinig ruggengraat: fascinerend om naar te kijken, onmogelijk om serieus te nemen, en precies daarom moeilijk te vergeten. De film is vanaf nu bij jou thuis verkrijgbaar via digitale aankoop of huur en vanaf 8 juli 2026 op dvd, Blu-Ray en 4K UHD.
Review The Bride! (2026)
Recensie door Natalie op 3 augustus 2026

Je moet het maar doen om zo’n zwakke film af te leveren met twee van de meest talentvolle acteurs in Hollywood.