Club Kid (2026) **** de revelatie op Cannes

Een debuutfilm van een internetpersoonlijkheid, acteur, provocateur, en nu dus regisseur als Jordan Firstman had heel gemakkelijk een verlengd ego-prent kunnen worden. Club Kid (2026) is het tegendeel. Dit is geen film die eruit ziet alsof het gemaakt werd door iemand die zichzelf wil bewijzen, het is gewoon een goed gemaakte en grappige film. Dit is een film die je niet verwacht van iemand wiens publiek imago grotendeels gebouwd is op gelikte zelfspot en online provocatie. Het resultaat is voor mij één van de meest verrassende Cannes-premières van het jaar: een bijtend, grappig en oprecht ontroerend portret van New York’s queer nachtleven, dat ergens halverwege met een opvallende nonchalance zijn eigen clichés omarmt en ze vervolgens volledig naar zijn hand zet.

© A24

Korte inhoud: Peter (Firstman), een dertigjarige feestpromotor in de queere onderbuik van New York, leeft al meer dan een decennium in een never-ending party van drugs, seks en zelfbedrog. Wanneer zijn zakenpartner Sophie (Cara Delevingne) hem uit hun gedeelde bedrijf werkt, en een kind genaamd Arlo (Reggie Absolom) op zijn stoep wordt afgezet – het resultaat van een lang vergeten trio met een Britse vrouw – wordt Peter geconfronteerd met precies datgene wat hij zijn hele volwassen leven heeft proberen te vermijden: verantwoordelijkheid.

De film opent met een ambitieuze, 360 graden draaiende longshot vanuit de achterbank van een Uber, terwijl Peter en zijn met glitter bestrooide vrienden richting de volgende nachtelijke club gaan. Het is een intoxicerend, bewust duizelingwekkend beeld – en ook een visuele belofte die Firstman en zijn buitengewoon talentvolle cinematograaf Adam Newport-Berra (eerder verantwoordelijk voor The Last Black Man in San Francisco (2019)) gedurende de rest van de film consequent inlossen. Newport-Berra schoot de film op 35mm, en die keuze betaalt zich uit: de nachtclubs ademen een korrelachtige, rauwe energie, terwijl de dagscènes – Peter met Arlo langs de East River, een goudgeel gekleurd uitstapje met liefdesinteresse Oscar (Diego Calva) – een warmte uitstralen die de desolaatheid van Peters nachtleven extra scherp afsteekt. De camera beweegt niet om te imponeren, maar om te voelen. Dat verschil is alles.

Waar Club Kid het slimst is, is in hoe het weigert zijn eigen premisse te veroordelen. Peter is niet het klassieke Hollywood-geval van de losbol die zijn leven betert omdat de film dat nu eenmaal vereist. Firstman – als regisseur én scenarist – begrijpt de queer feestcultuur van binnen uit, en hij filmt ze met de rusteloze affectie van iemand die lang genoeg gebleven is om zowel de schoonheid als de schade te kennen. Dat is ook wat Club Kid onderscheidt van simpele verlossings-film: het kijkt nooit neer op de wereld die Peter achter zich laat. Wanneer hij een volledig opgefokte Sophie vertelt dat hij drugs verkoopt ‘for the safety of my community’, weet je dat hij liegt – maar ook dat hij het half meent. Die dubbelzinnigheid houdt de film scherp.

De ontmoeting tussen Peter en Arlo is de hartslag van de film, en die klopt verrassend sterk. Absolom is een openbaring: geen knipoogbaby, geen keurig voorverpakte kindacteur, maar een jongen met een droge blik, een duister gevoel voor humor en de muzikale smaak van iemand die te veel Pitchfork gelezen heeft voor hij naar school mocht. De chemistry tussen Absolom en Firstman is onmiddellijk en geloofwaardig – het soort dat je niet kunt spelen. Ze ontdekken Elliott Smith samen; ze zingen Ethel Cain aan de piano. Het zijn kleine details, maar ze dragen het emotionele gewicht dat het verhaal vraagt. Calva als sociale werker en potentiële romantische partner is een welkome toevoeging – zijn aanwezigheid is bijna oneerlijk charismatisch, en Firstman is slim genoeg om dat gewoon te laten werken in zijn voordeel.

De ondersteunende rolverdeling verdient apart vermeld te worden. Eldar Isgandarov als Nicky, Peters huisgenoot die zichzelf omschrijft als “aspiring queer philosopher from Azerbaijan” en zijn dagen spendeert met Xbox spelen en tieners online pesten, steelt bijna elke scène die hij betreedt. Delevingne speelt Sophie met maximale energie – twee snuifjes verwijderd van een complete ineenstorting, altijd – al neigt ze hier en daar naar overacting die iets te gretig is. Colleen Camp als excentrieke buurvrouw en Kirby Howell-Baptiste als Edison, de Britse vriendin die Arlo op Peters stoep aflevert, completeren een ensemble dat het gevoel geeft van een echte gemeenschap, niet van gecaste types.

Toch is Club Kid niet het meesterwerk zoals sommige journalisten het beschreven na het zien van de film. De grootste zwakte voor mij zit vreemd genoeg in Peter zelf. Firstman heeft met zijn bijrollen verbazingwekkend concrete mensen neergezet, maar zijn eigen personage blijft op bepaalde momenten wat diffuus. De trauma-achtergrond die als verklaring voor Peters zelfdestructief gedrag wordt aangebracht, voelt er bijgesleurd alsof het scenario pas achteraf zichzelf moest rechtvaardigen. Wanneer Peter aan Oscar begint uit te leggen dat hij “zichzelf niet graag ziet,” is dat een psychologische shortcut die de film eigenlijk niet nodig heeft. En in de derde act, wanneer kinderdiensten en een rechtszaal de intimiteit van het verhaal beginnen te belasten, dreigt Club Kid even zijn vaart te verliezen. De film is met z’n 119 minuten een tikje te lang; maar Firstman weet gelukkig precies waar hij wil eindigen.

Dat einde is bitterzoet op een manier die beklijft. Club Kid begint als een party, evolueert naar een vaderfilm, en sluit af als iets dat geen van beiden meer volledig is – en daarin schuilt zijn kracht. Producent Alex Coco, die ook Anora (2024) van Sean Baker produceerde, heeft duidelijk een neus voor films die er van buiten chaotisch uitzien maar van binnen heel precies gebouwd zijn. De vergelijking met Baker is niet ongegrond: beide filmmakers portretteren mensen die de mainstream cinema doorgaans negeert of wegzet als randgevallen, en doen dat met echte empathie. Het originele filmmuziek van Cristobal Tapia de Veer – composities die de house-muziek van Peters wereld verwerken zonder er slaaf van te worden – draagt het emotionele ritme van de film op een manier die je pas na afloop volledig beseft.

A24 betaalde 17 miljoen dollar voor de wereldrechten in Cannes, en positioneert Club Kid als hun belangrijkste Oscarfavoriet van het jaar. Dat klinkt als hype, maar voor één keer is de hype misschien gewoon correct. Want uiteindelijk is Club Kid niet de film die Jordan Firstman moest maken om zichzelf te rehabiliteren, of om te bewijzen dat hij meer is dan een internet-enfant terrible. Het is de film die hij simpelweg wilde maken – en dat is precies waarom het zo goed werkt. Club Kid begint als een uitnodiging voor het beste feest ter wereld en eindigt als iets intiemers, en dat is wat het zo goed maakt. Op dit ogenblik kan ik geen trailer delen en is er ook nog geen releasedatum bekend, maar van zodra ik de info krijg zal ik dit toevoegen aan deze review. Op werd de film vertoond in Cannes.


Review Club Kid (2026)
Recensie door op

Beoordeling: 4 / 5

rating

2 Comments

  1. Amiya

    Ik ben al blij dat het niet eindigt op Netflix, A24 zal deze wel in de bioscoop uitbrengen.

    Reply
  2. Sara

    Die wil ik wel zien, my kind of movie

    Reply

Leave a Comment

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

We weten dat advertenties soms vervelend zijn, maar ze houden DeFilmblog draaiende en laten ons elke dag nieuwe filmcontent maken.

Dus, even vriendelijk vragen: wil je je adblocker uitschakelen voor onze site? Dit zal alleen je advertentie-ervaring op DeFilmblog beïnvloeden.