Mortal Kombat II (2026) *** recensie

Mortal Kombat II (2026), de nieuwste poging van regisseur Simon McQuoid (die eerder al de vorioge Mortal Kombat film had gemaakt in 2021) om het beruchte vechtspel tot leven te wekken, is misschien wel de beste adaptatie tot nu toe, maar het is verre van een echt geslaagde film. Het scenario van Jeremy Slater heeft meer gaten dan een Outworld-soldaat na een ontmoeting met Kitana’s waaiermessen, maar het is wel precies de film die het wil zijn. En dat, beste lezers, is meer dan je van de meeste zomerblokbusters kunt zeggen.

© Warner Bros.

Korte inhoud: De champions van Earthrealm – Liu Kang (Ludi Lin), Sonya Blade (Jessica McNamee), Jax (Mehcad Brooks) en de met-terugwerkende-kracht-minder-populaire Cole Young (Lewis Tan) – moeten het opnemen tegen het kwaadaardige Outworld in een interdimensionaal vechttoernooi. Als Outworld wint, mag het de aarde veroveren. Voila, dat is het!  Nieuw aan boord zijn de washed-up actiefilmster Johnny Cage, gespeeld door Karl Urban, en de wraakzuchtige prinses Kitana (Adeline Rudolph), die haar stiefvader en opperschurk Shao Kahn (Martyn Ford) het liefst met haar eigen waaiermessen in stukjes wil hakken. Verder is er een magisch amulet dat onsterfelijkheid verleent; want als je al de regels van je eigen toernooi aan het schenden bent, doe het dan ook meteen goed.

Laat ons beginnen met het meest voor de hand liggende probleem: de titel zegt “Mortal” Kombat, maar de dood stelt hier zo weinig voor als een tijdelijke schorsing. Personages sterven, worden zombies, reizen naar de Netherrealm voor een gezellige citytrip, en komen dan gewoon terug. Het concept “sterfelijkheid” is in dit universum volkomen nutteloos. Wie daar aanstoot aan neemt, heeft waarschijnlijk ook moeite met de plotlogica van tekenfilms. En eerlijk gezegd, het niveau waarop Mortal Kombat II opereert, is net dat van een bijzonder bloedige Looney Tune.

Maar goed, niemand betaalt een bioscoopticket om diepzinnige existentiële vragen te stellen over leven en dood. Men betaalt om te zien hoe mensen spectaculair in stukken worden gehakt, en op dat vlak levert de film ruimschoots. McQuoid trekt lessen uit zijn vorige werk en gooit zijn publiek vrijwel meteen in het toernooi, zonder al te veel gezeur over magische tatoeages – een verstandige keuze, aangezien die subplot uit Mortal Kombat (2021) zelfs in de wereld van Mortal Kombat te absurd was. De gevechten zijn stevig in beeld gebracht, de fatalities bevredigend gruwelijk, en er zijn momenten waarop de camera de klassieke zijaanzichten van het originele videospel nabootst, met een subtiliteit die fans terecht zal doen gniffelen.

De echte verrassing is Karl Urban als Johnny Cage, een rol waarvoor destijds ook namen als Ryan Reynolds en zelfs Dwayne Johnson voor Shao Kahn circuleerden. Urban speelt een zelfgenoegzame, lichtelijk laffe acteur wiens carrière gestrand is bij nostalgieconventies, en hij doet dat met een aanstekelijke zelfspot die de film net die extra zuurstof geeft die het nodig heeft. Elke keer dat het scenario dreigt weg te zakken in onverteerbaar gewichtige dialogen over lot en plicht, verschijnt Cage met een Lord of the Rings-referentie of een bitse opmerking over John Wick; wat extra pikant is gezien Urbans eigen verleden als Éomer in de Tolkien-trilogie. Het is de soort casting die op papier vreemd lijkt maar op het scherm perfect werkt: Urban heeft de physieke aanwezigheid van een man die écht gevechten kan leveren én de komische timing om zichzelf als een uitgerangeerde filmster neer te zetten.

Naast hem steelt Josh Lawson opnieuw bijna elke scène als de onnavolgbare Kano, een Australische huurmoordenaar wiens motivatie om de aarde te redden samengevat kan worden als “airconditioning, bier en goede whisky.” Lawson bezit de zeldzame gave om werkelijk vreselijke grappen te maken op een manier die je toch doet lachen, en zijn chemie met Urban is een van de leukere verrassingen van de film. Adeline Rudolph als Kitana verdient ook een vermelding: zij krijgt de zwaarste emotionele last te dragen en doet dat met meer overtuiging dan het scenario strikt vereist. Haar verhaal over een dochter die wraak wil nemen op de man die haar vader vermoordde en haar vervolgens als zijn eigen kind opvoedde, heeft net genoeg menselijkheid om de rest van de chaos te verankeren. Tati Gabrielle als haar bondgenoot Jade toont potentieel voor een volgende film, al wordt ze hier enigszins stiefmoederlijk behandeld door het scenario.

Martyn Ford als Shao Kahn is een gelukkige vondst: de Britse bodybuilder-acteur heeft de fysieke aanwezigheid van een mens die eigenlijk een gebouw is, en zijn stem past perfect bij een dictator die zijn uitgestrekte rijk heeft veroverd via moorddadige strooptocht. Dat hij een Brits werkmannenaccent heeft, terwijl hij een interdimensionale heerser speelt met een schedelvormige helm, is één van de onverwacht grappige details die de film her en der strooit. Minder gelukkig uitgevallen zijn de personages die gewoon te weinig te doen krijgen: Liu Kang zweeft wat doelloos rond ondanks een indrukwekkende transformatie, Raiden wordt bijna volledig genegeerd ondanks zijn goddelijke status, en Sonya Blade krijgt zo weinig relevante dialoog dat je je af vraagt of de script writer haar naam niet gewoon vergeten was op te zoeken.

Het meest interessante aan Mortal Kombat II is misschien wat het zegt over de evolutie van de franchise. De originele game was ooit cultureel dynamiet; een product dat politici en oudergroepen in beweging zette en de weg plaveide voor leeftijdsclassificatiesystemen voor videospellen. Die revolutionaire tand is er allang af. Wat overblijft, is een franchise die zichzelf te serieus neemt voor zijn eigen bestwil, en die twee uitstekende clowns nodig heeft (Urban en Lawson) om de lucht eruit te laten. Dat evenwicht is kwetsbaar en wankelt hier en daar, maar het houdt stand. De film eindigt met een duidelijke opzet voor een derde deel, dat trouwens al in ontwikkeling is; want in Mortal Kombat sterft niemand echt, ook de franchise niet.

Kortom, Mortal Kombat II is zeker niet de beste film die je dit jaar zult zien. Maar het is een film die zijn publiek ernstig genoeg neemt om er een echt verhaal van te maken, en grappig genoeg om zichzelf niet te begraven onder zijn eigen gewichtigheid. Gewoon goed genoeg om met een bak popcorn en uitgeschakeld brein een uitstekende avond te hebben. En soms is dat meer dan genoeg. De film draait bij ons in de zalen sinds .


Review Mortal Kombat II (2026)
Recensie door op

Beoordeling: 3 / 5

rating

1 Comment

  1. Stef

    Verstand op nul en 100% genieten !

    Reply

Leave a Comment

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

We weten dat advertenties soms vervelend zijn, maar ze houden DeFilmblog draaiende en laten ons elke dag nieuwe filmcontent maken.

Dus, even vriendelijk vragen: wil je je adblocker uitschakelen voor onze site? Dit zal alleen je advertentie-ervaring op DeFilmblog beïnvloeden.