The Devil Wears Prada (2006) was scherp, grappig, meedogenloos, en gedragen door een Meryl Streep die de ijzigste baas aller tijden neerzette met niet meer dan een opgetrokken wenkbrauw. Twintig jaar en één mondiale nostalgie-industrie later gaat het doek opnieuw omhoog voor The Devil Wears Prada 2 (2026), een sequel die bewijst dat Hollywood een grondige allergie heeft voor onafgesloten geldkranen. Regisseur David Frankel en scenariste Aline Brosh McKenna zijn terug; want wie verlaat er nu vrijwillig een franchise die $326 miljoen heeft opgebracht? Maar is het de moeite? Ik snap het punt van de film niet en ik denk dat de makers het ook niet echt weten.
Korte inhoud: Voor wie de eerste film al vergeten is of nooit heeft gezien: twintig jaar na haar bewogen periode als assistent bij het fictieve modemagazine Runway keert Anne Hathaway terug als journaliste Andy Sachs. Ze ontvangt net een journalistiekprijs als ze per sms te horen krijgt dat ze ontslagen is, want zo gaat dat tegenwoordig. Ondertussen staat Runway in brand: hoofdredactrice Miranda Priestly (Meryl Streep) is in opspraak geraakt na een artikel dat onbedoeld een sweatshop in de schijnwerpers zette. Andy wordt aangeworven als features editor om de boel te redden, en botst opnieuw op haar oude bazin, op de snarky Stanley Tucci als Nigel, en op een Emily Blunt die als Emily Charlton nu een hoge positie bekleedt bij Dior, en een allerminst onschuldige relatie heeft met een techmiljardair gespeeld door Justin Theroux.
Het grote probleem met The Devil Wears Prada 2 is ook meteen zijn grootste paradox: de film wil iedereen tevreden stellen, en slaagt er daardoor in niemand echt te raken. Miranda Priestly was een fenomeen omdat ze ondoorgrondelijk was, koud als Scandinavisch graniet en gevreesd als een belastingcontrole. In het origineel sprak ze haast niet! Ze keek, ze zuchtte, ze draaide zich om, en dat was genoeg om een hele redactie in paniek te brengen. In dit vervolg wordt ze echter menselijk gemaakt, kwetsbaar zelfs, geconfronteerd met de neergang van de printmedia en een onzekere toekomst. Streep rekt haar talent tot het uiterste om daar toch nog iets van te maken, en heeft zelfs de beste zin van de hele film, wanneer ze tegen een rivale snerpt dat ze geen visionair is maar een handelaar. Maar de film vraagt haar ondertussen voortdurend om zachter, toegankelijker, sympathieker te zijn. Wie wil er nu een Miranda zien die haar jas zelf ophangt? Dat is net zo absurd als Hannibal Lecter portretteren als veganist.
Wat de film wél goed doet, is de tijdsgeest vatten. De instorting van de traditionele media vormt de dramatische motor van het verhaal, en dat voelt herkenbaar en reëel aan. Magazines die om het leven vechten, redacties die per sms worden afgedankt, techmiljardairs die culturele instellingen opkopen alsof het pakjes wasmiddel zijn. B.J. Novak speelt met zichtbaar plezier de arrogante erfgenaam van het mediabedrijf dat Runway bezit, en Theroux’ personage – een duidelijke samenraapsel van Elon Musk en Jeff Bezos, inclusief ruimtedromen en een weerzin voor water – is goed voor een aantal geslaagde, droge grapjes. Dat er in zijn monoloog over kunst zonder menselijkheid onmiskenbaar een steek onder water zit richting de studie’s die zelf met AI zitten te knutselen, is de grappigste meta-grap van de hele film. Opmerkelijk is ook de verborgen sleutelromanlaag die de film zorgvuldig heeft ingebouwd. Net zoals Lauren Weisberger destijds haar ervaringen als assistent van Vogue-hoofdredactrice Anna Wintour verwerkte in het boek waarop het origineel gebaseerd is, speelt de sequel een soortgelijk spel. Theroux’ personage is een onmiskenbare knipoog naar Jeff Bezos, die in werkelijkheid door Wintour benaderd zou zijn om de Met Gala te sponsoren. Blunts personage fungeert dan weer als een duivelse versie van diens partner. Wintour zelf zou in de film hebben moeten opduiken, maar is uiteindelijk niet te zien; wat op zich al meer zegt dan duizend woorden. Tina Brown, nooit de beste vriendin van Wintour, verschijnt wél even in beeld. Toeval? In de modewereld bestaat dat woord niet.
De cast doet wat ze kan met het materiaal. Blunt is verrassend het meest gelaagde personage van de film: haar Emily is harder geworden maar mist tegelijk iets menselijks, en dat spel tussen koelheid en kwetsbaarheid geeft de film zijn interessantste momenten. Tucci blijft meesterlijk droogkomisch, al wordt Nigel opnieuw gereduceerd tot de eeuwig onderschatte rechterhand zonder al te veel ruimte voor echte ontwikkeling. Kenneth Branagh als Miranda’s echtgenoot is goed voor… een kleine cameo. Meer is het niet. Lucy Liu als een raadselachtige ex-vrouw van een miljardair krijgt eveneens te weinig ruimte, en Andy’s liefdesbelangstelling gespeeld door Patrick Brammall heeft zo weinig chemie met Hathaway dat je je begint af te vragen of ze elkaar ooit hebben ontmoet voor de opnamen. En dan is er nog Lady Gaga, wier cameo en live performance van haar nieuwe nummer het enige moment is waarop de film écht tot leven komt. Eén vonk in een verder keurig gestreken maar ietwat levenloos geheel.
De structurele zwakte van The Devil Wears Prada 2 is die van zowat elke nostalgie-sequel: het wil tegelijk een hommage zijn aan het origineel én een nieuw verhaal vertellen, met als resultaat dat het geen van beide echt waarmaakt. De verwijzingen naar de eerste film stapelen zich op: de cerulean trui, de verboden bovenverdieping van Miranda’s brownstone, de dagelijkse bezorging van het “book” – maar die fanservice raakt snel uitgeput. En ondertussen zwabberen er minstens vier subplots door het verhaal: de dreigende overname van Runway, Andy’s romances, een mogelijke journalistieke onthulling over Miranda, én de interne machtsstrijd tussen Emily en Miranda. Geen enkel van deze verhaallijnen krijgt de ruimte die het verdient. Het is het filmische equivalent van een Zwitsers zakmes: functioneel, maar je gebruikt er uiteindelijk maar twee zaken.
Toch is The Devil Wears Prada 2 verre van een ramp. Het is een ‘ok’ film, het ziet er goed uit, het brengt de fashion en laten we eerlijk zijn, dat publiek weet heel goed wat het is en wat het nooit zal worden. De locaties in New York en Milaan zijn prachtig gefotografeerd, de modecameo’s zijn talrijk en voor ingewijden overduidelijk geslaagd, en de kern van de cast levert routineus sterk werk. Op Rotten Tomatoes staat de teller op 77% positieve kritieken en een CinemaScore van A-, en die cijfers kloppen wel: het is goed genoeg voor een zaterdagavond op de zetel, maar niet het soort film waarover je de volgende dag nog napraat. De duivel draagt dit keer geen Prada; eerder een H&M-pakje dat prima zit maar nooit zal opvallen. De film is op 29 april 2026 bij ons in de bioscoop uitgekomen.
Review The Devil Wears Prada 2 (2026)
Recensie door Natalie op 3 mei 2026

Ik vond het ook wat teleurstellend maar wat had je kunnen denken 20 jaar na de eerste film.