Er zijn van die momenten in het leven waarop je denkt: oké, de wereld is toch nog niet helemaal verloren. Zo’n moment was 17 maart 2026, toen Dune: Part Three (2026) zijn eerste trailer losliet op een hongerige mensheid. Komt daar nog eens bij dat ik de trailer voor het eerst zag op een IMAX scherm. Regisseur Denis Villeneuve had eigenlijk een andere film willen maken na Dune: Part Two (2024). Hij had zijn crew zelfs triomfantelijk de boodschap gebracht: “Ik ga op vakantie, saluukes.” Maar ’s nachts bleven de beelden maar terugkomen, als een woestijngeest die je geen rust gunt. En dus is hij teruggekeerd naar Arrakis, niet uit nostalgie, maar – zo zegt hij zelf – uit urgentie. Bedankt, Denis. Wij zijn blij dat je er geen weerstand aan hebt kunnen bieden.
Korte inhoud: Dune: Part Three is gebaseerd op Frank Herberts roman Dune Messiah uit 1969 en speelt zich af zeventien jaar na de gebeurtenissen van het tweede deel. Timothée Chalamet keert terug als Paul Atreides, nu een verouderde, littekengeteisterde keizer die verstrikt zit in een nooit eindigende cyclus van geweld. Zijn geliefde Zendaya als Chani is terug aan zijn zijde, en de trailer onthult dat het koppel mogelijk een kind verwacht. Nieuw in de cast zijn onder meer Robert Pattinson als schurk Scytale en Anya Taylor-Joy als Pauls zus Alia Atreides. De film is gepland voor een wereldwijde release op 18 december 2026.
De trailer opent met een verrassend intiem moment: Paul en Chani discussiëren over babynamen. “Als het een meisje is, hoe noemen we haar dan?” vraagt Chani. Aan wie dacht je dat dit een relaxte romantische komedie ging worden? Dit is Dune ! Chalamet ziet er in de beelden merkelijk anders uit dan de frisse jongeling van de eerste twee films: rimpels rond de ogen, rode littekens, een bijna kaalgeschoren hoofd. Het is het gezicht van een man die zeventien jaar lang een heilige oorlog heeft uitgevochten en daar niet bepaald gelukkiger op is geworden. “Oorlog voedt zichzelf,” zegt hij in voiceover. “Hoe meer ik vecht, hoe meer mijn vijanden terugvechten.” Klinkt als een man die dringend een therapeut nodig heeft, maar helaas is er op Arrakis geen wachtlijst voor.
Villeneuve omschrijft deze derde film als “een thriller” ; actievoller en gespannener dan zijn voorgangers. Ter vergelijking: deel één was contemplatief, deel twee was een oorlogsfilm. Nu wordt het dus nog meer “gespierd”, om zijn eigen woord te gebruiken.Dat klinkt als de zin van iemand die zijn job véél te graag doet, en dat is precies de reden waarom we hem vertrouwen. Componist Hans Zimmer keert terug voor de score, wat op zich al een garantie is dat je kippenvel zult krijgen op plaatsen waar je dat niet verwacht. En luister naar die gespierde score in de trailer, dit zijn kippevel momenten.
Hij schoot de film gedeeltelijk op 65mm-film en integraal met IMAX-camera’s, al hield hij de woestijnscènes digitaal omdat hij de “bruutheid van digitaal IMAX” verkiest. Verwarrend? Laat ik het even uitleggen. De derde Dune-film werd niet volledig met IMAX-FILMcamera’s opgenomen, en de vorige twee evenmin. IMAX-FILM is 65mm-filmpellicule (15 perforaties breed), terwijl IMAX-digitaal digitale camera’s gebruikt die IMAX-gecertificeerd zijn, zoals de ARRI Alexa LF, die geen fysieke filmpellicule schieten maar sensoren met hoge resolutie. Dune 1 werd ongeveer 40% gefilmd met IMAX-gecertificeerde digitale camera’s: hoofdzakelijk ARRI Alexa LF en Mini LF met Panavision H-Series lenzen. Dus geen IMAX-filmcamera’s; wel digitaal gefilmd, soms overgezet naar 35mm voor een ‘film-look’, dan terug gescand. Dune 2 had meer IMAX-content (bijna volledig in IMAX-ratio’s), maar digitaal met ARRI Alexa LF, Mini LF en Alexa 65 (sphéric). Geen bevestigde IMAX-FILMcamera’s ondanks de “Filmed for IMAX” label. Maar deze film is dus vermoedelijk 20% gefilmd op pellicule en 80% digitaal, weliswaar 100% IMAX-gecertificeerde camera’s.
Dan is er natuurlijk de kwestie-Pattinson. Robert Pattinson speelt Scytale, een platinablonde, ijskoude en moreel dubieuze figuur uit de Bene Tleilax – een geheimzinnige sekte van genetisch gemanipuleerde mensen. Op de trailer-launch bekende Pattinson openlijk dat hij de eerste twee Dune-films meerdere keren in de bioscoop had gezien en zijn medespeler Zendaya had gevraagd: “Hoe kom ik ook in zo’n Dune-film?” Zendaya’s antwoord – “I know a guy”. Pattinson zelf zegt over zijn personage: “Hij is geen conventionele slechterik. Hij is misschien zelfs de goede kerel. Wie weet. Ik zal het ook ontdekken als ik de film zie.” Dat is ofwel uiterst eerlijk ofwel sublieme marketing, maar in beide gevallen werkt het.
Anya Taylor-Joy speelt Alia Atreides, Pauls zus die de wijsheid van generaties in haar hoofd draagt; een soort wandelende encyclopedie met existentiële overbelasting. Javier Bardem keert terug als Stilgar, nu geconfronteerd met de pijnlijke contradictie tussen zijn devotie aan het idee van de messias en de grimmige realiteit van diens bewind. En dan is er nog Jason Momoa, die terugkeert als Duncan Idaho; ja, dezelfde die in deel één eervol sneuvelde. Hoe? Welkom in de wonderlijke wereld van de Bene Tleilax en hun genetische opwekkingskunsten. Rebecca Ferguson is terug als Lady Jessica, al is haar rol kleiner dan voordien, en Florence Pugh als Prinses Irulan belooft eindelijk meer schermtijd te krijgen naast Zendaya. Nieuwkomer Isaach De Bankolé speelt Farok, een Fremen-leider.
Wat de trailer ons uiteindelijk vertelt, is dat Villeneuve zijn meest gepassioneerde film maakt; een film over de prijs van macht, de zinloosheid van oorlog en de onmogelijkheid van liefde onder imperiaal geweld. De eerste twee Dune: Part One (2021) en Dune: Part Two (2024) samen brachten wereldwijd meer dan 1,1 miljard dollar op en wonnen acht Oscars. De druk is dus enorm, maar als er één iemand is die daar niet van wakker lijkt te liggen, dan is het wel de Québecois met zijn IMAX-camera’s en zijn nachtelijke woestijnvisioenen. Op 18 december 2026 weten we of het waard was om die vakantie in te ruilen, maar ik vermoed van wel.

Het is een vrij standaard trailer, niet dat we iets buitengewoons hebben gezien nadat we de vorige Dune films hebben ervaren. De muziek is wel vet.
Enkel al die muziek is al een argument om deze film te zien