Als je dacht dat 28 Years Later (2025) ambitieus was met zijn Brexit-metaforen en Rudyard Kiplin-referenties, dan heeft Nia DaCosta nieuws voor je: soms is minder meer. In 28 Years Later: The Bone Temple (2026) ruilt ze Danny Boyle zijn maximalistische staatskritiek in voor pure, onversneden horror. En raad eens? Het werkt verdomd goed. Dit is het soort film dat je maag doet omdraaien en je hart sneller doet kloppen, terwijl Ralph Fiennes er ondertussen met de hele boel vandoor gaat alsof zijn leven ervan afhangt.
Korte inhoud: Het verhaal pikt op waar we gebleven waren: jonge Spike (Alfie Williams) is in handen gevallen van Sir Lord Jimmy Crystal (Jack O’Connell), leider van een psychopathische sekte met blonde pruiken en trainingspakken. Ondertussen experimenteert Dr. Ian Kelson (Fiennes) in zijn tempel van beenderen met Samson (Chi Lewis-Parry), een reusachtige geïnfecteerde zombie, op zoek naar een mogelijke genezing voor het rage-virus.
Laten we eerlijk zijn: het concept van de Britse sekte is zo gestoord dat je je afvraagt wat Alex Garland had gesnoven bij het schrijven van het script. DaCosta probeert wijselijk de Britse specificiteit wat te verzachten en maakt er een universeler verhaal van goed tegen kwaad van, maar die griezelige Britse bende blijven echt nazinderen. Waar de film echt schittert, is in zijn weigering om je met rust te laten. DaCosta heeft geen boodschap aan subtiliteit: een mesgevecht eindigt met bloed dat uit een dijslagader spuit, kruisigingen worden uitgevoerd met bijbelverzen, en de gruwelijkheden die de sekte aanrichten tijdens hun “liefdadigheidswerk” zijn zo confronterend dat zelfs doorgewinterde horrorfans zullen wegkijken. Dit is torture porn light; net genoeg om je te kwellen, maar altijd met een narratief doel. En laten we niet vergeten: dit alles speelt zich af in het post-apocalyptische Engeland, waar nostalgie net zo dodelijk is als het virus zelf.
De “held” van de film is hier Ralph Fiennes en hij doet hier dingen die je nooit voor mogelijk had gehouden. De man danst op Duran Duran, gooit met one-liners in het rond, mediteert over de vergankelijkheid van het leven, en ja, loopt volledig naakt rond. Het is alsof Fiennes besloot dat hij toch al alles had gedaan in zijn carrière, dus waarom niet helemaal losgaan in een zombiefilm? Zijn Dr. Kelson is tegelijk tragisch, komisch en volstrekt gestoord; een humanitstische arts die morfine deelt met een zombie en oprecht gelooft in de mogelijkheid van redding. Het is een performance die zo gecommitteerd is dat je vergeet dat de rest van de film om hem heen soms wat wankelt. O’Connell verdient ook applaus voor zijn portret van Jimmy Crystal, een personage dat zowel angstaanjagend als komisch is in zijn kinderlijke benadering van chaos. Hij speelt het met een zachte stem en een bedorven glimlach, wat het alleen maar enger maakt. En Williams, hoewel meer op de achtergrond in dit deel, blijft indruk maken als de jongen die ergens tussen hoop en nihilisme probeert te overleven.
Is The Bone Temple perfect? Nee. Maar vergeleken met de vorige film is dit echt wel een pak beter. Het is duidelijk het middelste deel van een trilogie, met alle problemen die daarbij komen kijken. Het mist misschien een grote thematische ondergrond en voelt soms als opvulling tussen twee belangrijkere verhalen. Maar wat DaCosta wel levert, is een goed functionerende horrorfilm die op eigen benen staat met stijl en meedogenloos is in zijn executie. Ze stempelt het materiaal met haar eigen visie en waar Boyle’s film eruitzag als een Boyle-film, voelt deze volledig als een DaCosta-creatie. En die climax? Een waanzinnige muzikale confrontatie waarbij Fiennes lipsynct op Iron Maiden terwijl hij eruitziet als Voldemort op crystal meth. Alleen al daarvoor is je bioscoopkaartje het waard.
The Bone Temple is geen meesterwerk, maar het is wel verdomd entertainend en durf je uit je comfort zone te stappen. Het zet de lat hoog voor het slotdeel van deze trilogie, en de terugkeer van een bekend gezicht in de laatste scène belooft veel goeds. Boyle krijgt een hoop druk om dit af te maken op een manier die recht doet aan wat DaCosta hier heeft neergezet. Voorlopig kunnen we genieten van een middenfilm die weigert veilig te spelen en vol vertrouwen zijn eigen waanzinnige pad bewandelt. De film is uit in de bioscoop sinds 14 januari 2026
Review 28 Years Later: The Bone Temple (2026)
Recensie door Natalie op 14 januari 2026

Ik ga dit weekend gaan zien, ben benieuwd
Het plot is wel van de pot gerukt maar gezien de overmaat van Zombie films, moet je wel iets bizar doen
de reviews zijn allemaal overwegend positief, ga ik misschien een kans geven.