john hyams

  • Pompeii is Vulgaire Auteurscinema !

    Pin it!

    Met de release van Pompeii (2014) van Paul W.S. Anderson, die door filmcritici de grond wordt ingeboord en door de massa zelfs links wordt gelaten – de box-office van de film blijft op 10 miljoen haperen tijdens zijn openingsweekend wat te weinig is voor een 100 miljoen dollar film – gaan opnieuw stemmen op om deze prent alsnog een plaats te gunnen in het rijk van de Vulgar Auteurism (Vulgaire Auteurscinema). Een select lijstje van Amerikaanse films die door een kleine minderheid van jonge cinefielen wordt geprezen.

    Het is allemaal begonnen bij een groep van jonge ervaren filmcritici die geïnspireerd waren door de idealen van auteurfilms, en zich opwierpen voor de verdediging van een bepaald soort cinema dat door de traditionele media vaak bestempeld wordt als commercieel wegwerpproduct. Het gaat dat in het bijzonder over Amerikaanse actiefilms die wel degelijk een stempel dragen van een regisseur, al is deze meestal van vormelijke aard en minder van inhoudelijke. Het zijn films die meestal beoordeeld worden door het publiek voor hun prestaties aan de box-office dan wel voor hun artistieke merites of voor hun auteurs-kwaliteiten.

    pompeii pictureresident evil retribution

    De term zelf werd dan weer gelanceerd in een essay getiteld vulgar auteurism gepubliceerd in het najaar van 2009 in Cinema Scope, en meer bepaald rond de figuur van regisseur Michael Mann (Heat, Miami Vice, Public Enemies, The Insider). Een essay dat eigenlijk zijn inspiratie haalde in het invloedrijke boek, Vulgair Modernisme van J. Hoberman uit 1991, een verzameling van kritische bedenkingen, die stellen (ik parafraseer) dat een aantal populaire werken die weinig gewaardeerd worden door de culturele elite, desondanks een cultureel modernistische sensibiliteit vertonen (een dominante ironiserende toon, zelfreflectie, ludiek formalisme). Bijgevolg moeten deze werken dan met dezelfde nauwkeurigheid benaderd worden als het zogenaamde meer prestigieuze werkt.

    De website Mubi is zowat de spreekbuis geworden voor deze beweging, met regelmatige updates en besprekingen van films die volledig beantwoorden aan de karakteristieken van het vulgaire auteurschap. Hun definitie komt erop neer dat een filmmaker die werkt in de populaire cultuur en de massa-entertainment (zoals genre cinema, geweld, pulp, enz..), maar nog steeds een thematische en esthetische continuïteit in hun oeuvre handhaven, en die vaak (niet altijd) ten onrechte afgewimpeld worden voor het zogenaamd "vulgaire" in hun werk (lees: gebrek aan verfijning of goede smaak), zijn filmmakers wiens films beschouwd kan worden als vulgar auteurism. Gezien Europa minder een doorgedreven cultuur heeft van commerciële cinema (dit is ondertussen aan het veranderen met de grotere dominantie van populaire Franse cinema), gaat het in hoofdzaak over Amerikaanse films (weliswaar in de meeste gevallen geregisseerd door niet-Amerikanen).

    fast & furious 6pain & gain

    Namen van regisseurs en films die regelmatig terug komen zijn deze van Paul W.S. Anderson (Resident Evil: Retribution 3D), Nimród Antal (Armored), Michael Bay (Pain & Gain), Joe Carnahan (The Grey), John Carpenter (In the Mouth of Madness), Jon M. Chu (Step Up 3D), Bobby & Peter Farrelly (Stuck on You), Isaac Florentine (Ninja), Walter Hill (Driver), John Hyams (Universal Soldier 4), Justin Lin (Fast & Furious 6), John McTiernan (Die Hard 3), Pierre Morel (The Transporter 2), Russell Mulcahy (The Shadow), Mark Neveldine & Brian Taylor (Crank 2: High Voltage), Roel Reiné (The Marine 2), Tony Scott (Déjà Vu), M. Night Shyamalan (The Happening), Sylvester Stallone (The Expendables), Paul Verhoeven (Starship Troopers) en Rob Zombie (Halloween II).

    Dat er een immens verschil is tussen The Master (2013) van Paul Thomas Anderson en Resident Evil: Retribution (2012) van Paul W.S. Anderson zal niemand kunnen ontkennen. Het ene is een quasi meesterwerkje, het andere is ontspanning van de meest verwerpelijke soort. En ook al kan ik begrijpen waarom films van W.S. Anderson een bepaald publiek kunnen bekoren (zijn films hebben een eigen dominante visuele stijl die de inhoud en thematiek ondergeschikt maakt) krijg ik ze zelf niet verteerd, idem voor Michael Bay films. Daarentegen kan ik wel heel wat verdienstelijke zaken zien in het werk van Rob Zombie, Paul Verhoeven, Tony Scott, Justin Lin of John Carpenter (ook al zou ik Carpenter eerder omschrijven als een cult-regisseur, meer dan een vulgair auteur). Maar zo heb je bij deze vulgar auteurism ook wel gradaties.

    the_expendables_pic01.jpgcrank_2_high_voltage_pic01.jpg

    Maar bij deze zullen een aantal onder jullie wel blij zijn dat ze vandaag ook met argumenten voor de dag kunnen komen betreffende de zoveelste sequel van een B-actiefilm, zonder zich hiervoor te moeten schamen. Vulgar Auteurism zijn ook vaak films die niet verstoken zijn van enig cynisme. Het is voer voor het oog, of nog, entertainment voor de toeschouwer die kijkt in plaats van diegene die zich waant een filmkenner met goede smaak te zijn. Toch zou ik zelf niet al teveel gewicht willen geven aan deze stroming die enkel uit is op de uiterlijke kenmerken, maar de discussie kan nu wel gevoerd worden en wij hebben hier met De FilmBlog zeker geholpen aan de erkenning van heel wat populaire films die misschien niet met dezelfde gevoeligheid werden benaderd door de traditionele media.

  • Universal Soldier: Regeneration (2009) *

    Pin it!

    Het is teleurstellend om onze Belgische actieheld zo te zien afglijden in het actie B-circuit. Een paar jaren geleden was er nog een sprenkeltje hoop met geruchten over een mogelijke comeback met een Bloodsport remake of Bloodsport sequel voor de aan lager wal geraakte acteur.

    universal-soldier-regeneration01

    Maar het bleef stil rond Jean-Claude Van Damme en uiteindelijk doken er plannen op voor Universal Soldier: Regeneration (2009) in regie van een derderangs regisseur John Hyams (zoon van Peter Hyams, die met JCVD zowel Timecop als Sudden Death heeft gemaakt). Bij de eerste berichten over de film was er nog spraken van een andere derderangs regisseur, maar deze is blijkbaar nog slechter, want de film is meteen op dvd verschenen.

    Korte inhoud: Terroristen dreigen Chernobyl's nucleaire reactor op te blazen, wat duizenden levens zou kunnen kosten. Om dit tegen te houden wordt er een team soldaten op af gestuurd, maar die staan voor een grote verrassing: een nieuwe, dodelijkere UniSol (Andrei Arlovski). De enige die de terroristen nu nog kan tegenhouden is Luc Deveraux (Jean-Claude van Damme), een Universal Soldier van het eerste uur. Deze moordmachine gaat het goed af, totdat hij tegenover een verrassing komt te staan. Het blijkt dat er in het geheim nog een UniSol bij is gehaald en deze keer is het een bekende van Deveraux, namelijk Andrew Scott (Dolph Lundgren). Nu zal Luc alles op alles moeten zetten om niet alleen twee van de dodelijkste soldaten ooit te stoppen, maar ook nog de bommen te ontmantelen!

    Het getuigt van enige pathetiek dat deze twee 80’ties helden blijkbaar moeten spelen in een film waar de cage-fighter kampioen Andrei Arlovski de show moet stelen en publiek aantrekken. Het heeft er alle schijn van dat zowel Lundgren als Van Damme deze film hebben gedaan voor het geld, en zich niet echt bekommerden om de zo goed als talentloze regisseur, het belachelijk idiote script van de nobele onbekende Victor Ostrovsky of nog hun ondergeschiktheid aan de non-acteur en vechtersbaas Andrei Arlovski op de affiche. Hoe seniel moet je zijn als filmmaker om niet te beseffen dat mensen (als ze al interesse hebben) in de eerste plaats naar JCVD en Dolph Lundgren komen, en geen fluit geven voor Andrei “Pitbull” Arlovski. De twee voormalige film-iconen lopen er doelloos rond en zijn slechts schimmen van hun personages. Al het geld dat in deze film is gegoten, zo’n 14,5 miljoen dollar (wat al een super low budget is voor aan actie-prent) is weggesmeten geld, want het ziet eruit alsof het gemaakt werd met 14 miljoen minder budget. De eerste Universal Soldier was smakelijk, de sequel was grappig, maar dit is om schaamrode wangen van te krijgen. Hoe kan je een sequel op een succesvolle actieprent, met de oorspronkelijke cast, zo om zeep helpen, is mij een groot mysterie.

    Ik heb ergens gelezen, ik denk in het magazine Mad Movies dat Jean-Claude Van Damme contractueel verplicht was om in deze film te spelen. Dat zou meteen ook duidelijk maken waarom hij er ongeïnspireerd rondloopt en zijn desinteresse laat merken. Van Damme had trouwens eerder al te kennen gegeven dat hij afstand wou nemen van het actie-genre – en daarom een rol heeft geweigerd in The Expendables (2010) van Sylvester Stallone. Wat betreft Dolp Lundgren, wel hij duikt pas na 60 minuten op en heeft misschien maar 15 lijnen tekst. Ik denk dat dit al genoeg zegt.

    Aan de makers van deze film: "als jullie geen inspiratie hebben en deze franchise niet ernstig nemen, blijf er dan met jullie pollen van af".

    *** Universal Soldier: Regeneration trailer ***