12-04-11
La Rafle (2010) ***½
Het verleden verwerken, afrekenen met iets wat decennia lang verdrongen was. Een natie confronteren met haar eigen vuil verleden. Dat doet de Franse film La Rafle (2010). Critici kunnen gerust stellen dat dit de zoveelste holocaustfilm is en dat deze kleinere film in de schaduw is blijven steken van dat veel bekendere verhaal Elle s'appelait Sarah (2010).
Mij maakt dit niets uit. La Rafle is een Franse film, wat het sowieso al een stuk anders maakt. Maar ondanks dat het een kleine film is, wordt het verhaal op een genuanceerde wijze verteld, in die zin dat de clichés beperkt blijven en het pathetisch gehalte gelukkig ook bescheiden blijft. Dat de film met deze troeven niettemin sterk aangrijpend is, maakt dat je het niet kunt catalogeren als een typische zaterdagavond-film.
La Rafle van Rose Bosch vertelt het verhaal van een van de zwartste perioden van de Franse geschiedenis. De deportatie van ruim 13.000 joden bijeengebracht als vee in le Vélodrome d'Hiver en vandaar gedeporteerd naar interneringskampen als tussenstation tot de gaskamers van Auschwitz. De film baseert zich op dezelfde waar gebeurde feiten als Elle s'appelait Sarah, met dat verschil dat alle personages uit La Rafle echt bestaan hebben. We bekijken alles vanuit de ogen van de familie Weismann, de kinderen Noé en Simon, de joodse arts Sheinbaum (Jean Reno) en de verpleegster Monod (Mélanie Laurent).
Het verhaal wordt ook verteld aan de hand van de ervaringen van een kleine Joodse familie met bijzondere aandacht voor de kinderen van het gezin. Het doet een beetje denken aan oude Italiaanse films. Er wordt in zomerse kleuren een rustiek beeld geschetst van de kleine drukke wijken in Parijs vol handelaars en ravottende jongeren. De oorlog lijkt ver weg maar de Joodse gemeenschap wordt steeds meer gestigmatiseerd. Uiteindelijk beslissen de Franse autoriteiten om hun goodwill aan de Duitsers te tonen door zoveel mogelijk Joden te verzamelen en te deporteren naar "het Joods grondgebied in het Oosten". Die fatale nacht wordt de familie Weismann opgepakt met duizenden anderen.
Jean Reno speelt slechts een kleine rol als arts die met zijn kleine ploeg probeert zoveel mogelijk zieken en kinderen te helpen. Een grotere rol is weggelegd voor Mélanie Laurent, die als verpleegster het wel en wee en vooral het lijden deelt met de mensen waarvan ze niet kan begrijpen wat ze verkeerd hebben gedaan om zo'n lot te verdienen. Evenmin begrijpt ze niet hoe haar Franse landgenoten dit zonder nadenken toelaat, en zelfs actief meehelpen alsof het de normaalste zaak van de wereld is. Zo goed als kwaad ze kan, begeleidt ze de kinderen tot in het interneringskamp. Maar dan dreigen de eerste transporten naar het Oosten er aan te komen.

De film was een waar succes in Frankrijk en deels terecht. Het is geen Hollywoodproductie en ook geen typisch Franse film. De film is sober, maar tegelijk weet je als toeschouwer dat niet alles moet worden uitgelegd. In de cast treffen we ook de Franse stand-up comedy acteur Gad Elmaleh aan, die hier een geweldige vertolking neerzet. Een zoveelste holocaustverhaal, maar niettemin een aanrader. Te verkrijgen op dvd en blu-ray.
Gepost door © jeronimo in DVD/Blu-ray | Permalink | Email dit
Facebook | Commentaren (2)
Tags: razzia, la rafle, jean reno, mélanie laurent, rose bosch, gad elmaleh, holocaust
30-01-07
Flushed Away met Hugh Jackman en Kate Winslet
De box-office resultaten mogen dan wel in de States wat tegenvallen, Flushed Away (2006) van David Bowers en Sam Fell, is geen slechte animatiefilm. Maar de titel werd bittere realiteit voor de film die letterlijk werd weggespoeld door het succes van Borat en een reeks andere animatiefilms van rivaliserende studio’s.
Korte inhoud: De rat Roddy (Hugh Jackman) woont in een veilige kooi in de dure wijk van Londen, tot op de dag dat hij door een inbreker door het toilet wordt gespoeld. Hij komt via het riool terecht in een ondergrondse wereld en wil zo snel mogelijk terug naar huis. Hij krijgt hierbij hulp van Rita (Kate Winslet), die hij heeft beloofd ruim te belonen als zij hem weer thuis weet te krijgen. Dit lijkt echter makkelijker gezegd dan gedaan als blijkt dat de kwaadaardige Toad (Ian McKellen) achter het tweetal aan zit.
Normaal gezien scoren animatiefilms hoog aan de box-office, maar deze DreamWorks Animation / Aardman productie bracht niet voldoende geld in het laatje, vooral dan in de States. Dat resulteerde in heel wat spanningen tussen de twee studio's met mogelijk een breuk in de nabije toekomst. Flushed Away verdient eigenlijk niet om in dit lijstje te staan van flops, want de film deed het dan weer wel goed in de rest van de wereld. De film haalt zelfs een knappe 76% op Rotten Tomatoes. De kostprijs was hoe echter veel te hoog en daar ligt volgens mij de sleutel van de grote teleurstelling. Maar dit prijskaartje is dan weer het gevolg van de vele ‘last minute’ wijzigingen die doorgevoerd moesten worden en die het budget van de film opblies.
Dit was tevens de eerste volledig computer gestuurde animatiefilm van Aardman, die normaal bekend staat voor zijn stop-motion. De reden van deze overschakeling was dat ze te doen zouden hebben met 'water', iets wat niet zo goed te manipuleren is in stop-motion en omdat water ook niet goed reageert op plasticine modellen.
Er zit tevens heel wat talent bij de nevenrolletjes. Zo wordt Le Frog gespeeld door Jean Reno, Whitey door Bill Nighy en Spike door Andy Serkis. Het is misschien niet zo complex en vernuftig al seen Pixar-film, maar het is zeker de moeite waard voor de allerjongsten.
Gepost door © dave in News | Permalink | Email dit
Facebook | Commentaren (1)
Tags: flushed away, david bowers, sam fell, hugh jackman, kate winslet, andy serkis, ian mckellen, bill nighy, jean reno, stop-motion, borat
18-05-06
The Da Vinci Code (2006) *
Ron Howard heeft de kritieken in de pers op zijn 125 miljoen dollar kostende rolprent The Da Vinci Code (2006) willen relativeren. Hij beklemtoonde dat het om ontspanning gaat en "niet om een theologisch werk. "Ik heb geen enkele kritiek gelezen. Misschien staan er in andere kritieken andere, meer positieve adjectieven", zei de filmmaker op een persconferentie.
"Het is een ontspannende film, een product van de commerciële industrie. Hij zal niet het standpunt van een individu omtrent zijn spiritueel erfgoed veranderen", zei hoofdacteur Tom Hanks. Hanks vertolkt de rol van professor Langdon die in een queeste naar de Heilige Graal wordt gegooid.

Wel, ik had zelf geen probleem met de controversiële inhoud, maar wat een langdradig en saai gedoe! De verfilming van het populaire, niet al te slimme pulpromannetje van Dan Brown ziet er zelfs een tikkeltje amateuristisch uit, en dat met een budget van 120 miljoen dollar, een topcast en een bekwaam Hollywood regisseur. Het zal je maar overkomen. Ik wil hier niet in het cliché vallen dat 'een boek altijd beter is dan de film', maar in dit geval is het echt wel zo. Je vindt in de verfilming niets meer terug van de fun die je had kunnen hebben bij het lezen van het boek. Maar misschien het grootste knelpunt is dat Ron Howard te trouw is geweest aan het boek. Ook al heb je te maken met een roman van de kwaliteit van Umberto Eco of Tolkien, ben ik van mening dat een regisseur MOET bewerken. Ron dacht dat hij kon teren op het succes van de bestseller door zo dicht mogelijk bij de source material te blijven. Fout ! Bepaalde scènes zijn dramatisch heel zwak en mijn oren werden van mijn kop gezaagd met veel te lange verklaringen, analyses en speculaties over codes, symbolen, geheime ordes, christelijke historie en verborgen boodschappen in kunstwerken. De acteurs lopen van de ene aanwijzing naar de andere, en na een uur heb je zoiets van "I couldn’t care less", en het erge was dat er nog anderhalf uur te gaan was. Toen ik de film zag begon ik mezelf af te vragen of de studio ooit 120 miljoen op tafel zou hebben gelegd voor DIT scenario indien het boek niet zou hebben bestaan. Volgens mij had de film zelfs nooit een 'groen licht' van de studio verkregen.
De actiesequenties in de film zijn ook schaars en als die er al zijn, werken ze niet. Dit had een thriller moeten zijn, maar het enige thriller-moment die je in de film vindt is wanneer iemand een vuurwapen richt op iemand anders. Er zit bijvoorbeeld ook een scène in de film waar een monnik in twee tellen Langdon kan uitschakelen, maar nadien wordt deze zelfde monnik uitgeschakeld in twee tellen door een oude kreupele man. Dit was allemaal al even logisch als het plot die ons wou doen geloven dat het grootste geheim zou worden beschermd achter raadseltjes die een kleuter had weten op te lossen. Neen, in The Da Vinci Code komt er niet veel intelligente code-breaking aan de pas.

Het enige wat boeit in deze film zijn de controversiële standpunten en visies, maar voor de mensen die het boek hebben gelezen is deze film absoluut geen meerwaarde. Integendeel. Ik wil hier niet spoilen over die controversiële inhoud – dat heeft het Vaticaan voor ons al genoeg gedaan – maar het is ironisch dat het filmische boek zo weinig dramatisch is op het witte doek. In de roman is alles onderverdeeld in korte maar krachtige scènes. De scenaristen hebben er zich dus vrij gemakkelijk vanaf gemaakt door iets te letterlijk het boek te volgen al was het een soort "draaiboek". Het resultaat is nogal onbevredigend, om niet te zeggen vervelend en irritant.
Dit is een Hollywood prent, dus zitten er uiteraard een aantal adembenemende scenes in, waaronder een aantal virtuele shots waarbij de camera doorheen een piramide travelt, of knappe 8mm flash-backs. Ik ga ook niet verbergen dat ik eigenlijk meer geïntrigeerd was door de flash-backs, die in essentie niets van doen hadden met de film, dan door de scènes uit het heden. Deze scènes van de vroegere christenen, de tempeliers, de inquisitie en de ketterverbranding waren dramatisch en visueel heel knap, maar tezelfdertijd vrij zinloos. Maar wanneer we terug in het heden stapten, had ik net gevoel opnieuw in handen te zijn van een te weinig ambitieuze regisseur die op safe wou spelen en iets teveel hoopte op het intellectueel lage niveau van de fans. Op een bepaald moment gaat Ron Howard ons zelfs uitleggen met een flash back hoe Langdon en Neveu zijn ontsnapt uit een vliegtuig en in een auto zijn gestapt, alsof het publiek te dom zou zijn om de ontbrekende frames aan te vullen. Ronduit beschamend.

Als je met een dergelijke top-cast kan werken zoals deze, Tom Hanks, Ian McKellen, Alfred Molina en Paul Bettany, dan zou je in principe niet mogen falen. Maar quasi alle dialoog-scènes in de film laten ons koud en krijg je de indruk dat de acteurs hier verkeerd zijn gecast. De film begint al met een scène met Sophie Neveu (Audrey Tautou) die Langdon (Hanks) wil waarschuwen dat Bezu Fache (Jean Reno), de agent van dienst, hem wil beschuldigen van de moord op Saunière (Jean-Pierre Marielle). En reeds vanaf dit eerste gesprek raken we de interesse kwijt in de personages. Velen zullen dan in de komende dagen waarschijnlijk de steen willen werpen op Audrey Tautou, die bij momenten vreselijk stond te acteren. Voor mij ligt de fout bij Ron Howard, die iets te weinig met zijn acteurs had gewerkt of zijn casting iets te overhaast had willen doen. Audrey is een fantastische actrice (kijk maar naar Le Fabuleux Destin d'Amélie Poulain of Dirty Pretty Things), maar heeft in deze film echt moeite met haar Engels. En daar wringt voor een groot stuk het schoentje, en niet enkel voor haar maar ook voor een pak andere Franse acteurs. Een acteur die in een taal moeten acteren die niet de zijne is, levert vaak een zwakke acteerprestatie op. Fransen zijn zowiezo al niet zo handig met de Engelse taal, en Audrey werd gezet tegenover de beste acteurs die we kennen. Het contrast was uiteraard veel te groot.
Maar ook de acteursregie was bij momenten vrij zinloos en weinig efficiënt. Talking heads in een film van Quentin Tarantino werken omwille van die vaak knettergekke dialogen die heel veel vertellen over de personages. Hier moesten de acteurs uitleggen en nog eens uitleggen, en hadden ze verder niet veel anders te doen. Ron Howard heeft nooit gedacht om de chemie tussen Hanks en Audrey op te zoeken, met als gevolg dat ze twee onbekenden blijven voor elkaar gedurende de ganse film. En dit is, voor wie het werk van Ron Howard kent, zeer ongewoon. Er zit geen menselijkheid in hun vertolking. Er is nauwelijks een moment te bespeuren van vermoeidheid na hun lange zoektocht of zeggen nauwelijks iets wat niet relevant is tot het basis-plot. En dit is dan weer een beetje de schuld van de wisselvallige Oscar-winnende scenarist Akiva Goldsman, die zowel in staat is van het beste (Cinderelle Man) als van het afschuwelijk slechte (Batman Forever, A Time to Kill, Batman & Robin, Lost in Space). Het scenario is zo geladen met plot-informatie dat er geen plaats meer is voor menselijke emoties of stilistische escapades.

Ian McKellen is het beste wat de film te bieden heeft. Hij heeft de meest fascinerende rol en steelt gewoon de show. Hij lijkt het meest op zijn gemak te zijn in de film en dat is in zekere zin een beetje van een opluchting en maakt dat de 2u30 min lang durende film iets minder lang aanvoelt. Maar Ian was misschien ook de enige die dit avontuur niet zo serieus nam en wist dat Dan Browns boek eigenlijk niet meer was dan een pulproman. Hij zei eergisteren nog in een persconferentie: "Toen ik het boek las, geloofde ik het helemaal. Toen ik het opzij legde, zei ik tegen mezelf dat er veel potentiële onnozelheden in staan." Aan het adres van de kerk zei hij ironisch: "Voor de kerk die met homoseksualiteit problemen heeft, is het boek op zijn minst een absoluut bewijs dat Jezus Christus geen homo was, gezien hij met Maria Magdalena een paar vormde." Paul Bettany zet ook een knappe prestatie neer als een monnik die rechtstreeks is geplukt uit The Name of the Rose (1986). Maar ook hij krijgt iets te weinig screentijd om zijn personage echt interessant te maken. Molina is hooguit een charismatische edel-figurant. Zonde.
Het camerawerk van Salvatore Totino is – buiten de flash backs gerekend – iets te simpel en vaak irritant. Als er iets is waar ik me mateloos aan kan ergeren is het hectisch heen en weer schudden van de camera zoals bijvoorbeeld in The Bourne Supremacy. Wel, gezien de film vol met zonden zit, zondigt hij ook aan deze wet. Op bepaalde momenten is de film zelfs gewoon smaakloos gekadreerd en is de camerahoek zelden opmerkelijk of onthullend.
Kortom, een film die ondanks de middelen en de acteurs, faalt op vele vlakken en die eindigt in een platte anti-climax. De reden van deze zwakke prestatie ligt voor mij grotendeels bij de regisseur. The Godfather van Mario Puzzo was ook een pulpromannetje, maar in de juiste handen kan dit een meesterwerk opleveren. Het boek van Dan Brown is slecht en is populair geworden door een publiek die zelden of nooit een boek leest, maar het scenario en de verfilming probeert het materiaal nooit te overstijgen. Integendeel, het laat er zich helemaal door leiden. The Da Vinci Code is niets meer dan een dure tv-film van geen belang. En voor de mensen die graag beweren dat het boek altijd beter is dan de film, wel hier hebben jullie opnieuw een argument.
***Related Posts***
16/12/2006: De Beste en Slechtste Films van 2006
30/11/2006: Angels & Demons, The Da Vinci Code sequel
08/04/2006: The Da Vinci Code geen plagiaat
17/12/2005: The Da Vinci Code trailer
18/03/2005: Een promotiestunt ?
Gepost door © dave in Review | Permalink | Email dit
Facebook | Commentaren (18)
Tags: review, filmbespreking, film, the da vinci code, 2006, tom hanks, ron howard, audrey tautou, langdon, ian mckellen, paul bettany, alfred molina, jean-pierre marielle, jean reno, akiva goldsman, salvatore totino

















